Van de redactie


Naar mijn werk neem ik altijd een tussendoortje mee, zodat ik niet vroegtijdig aan mijn lunch hoef te beginnen. Voor dit hapje dient al een tijd een stukje koek in langgerekte vorm. Er staat ‘Snelle Jelle’ op. Je moet er energie van krijgen. Dat wordt in reclamespotjes benadrukt. Daar komt een zwemmer of schaatser in voor - jong en lichtelijk vermoeid - die de koek verslindt en weggaand van zijn metgzellen roept: "ik ga nog een stukkie". Laatst kwamen mijn dochter en mijn zoon thuis met in een andere supermarkt gedane boodschappen. Zij toonden een bijzondere buit: een pakje koeksnacks, lijkend op mijn Snelle Jelle. Dat bleek echter niet op de verpakking te staan. Bijna in koor lazen zij voor wat er wel op stond: "Vlugge Japie". Ik moest, uiteraard, schalks opmerken dat dat niet zomaar verzonnen was. Mijn naam was aan een eigenschap verbonden.
Ik zou mijzelf nu – een vlug mannetje spelend – de vraag kunnen voorhouden ‘Hoe lang ben u al zo?’. Met een beantwoording ervan had ik aan de verhalenprijsvraag van Stichting Dr. Alam Darsono kunnen deelnemen, bij wijze van spreken dan. Mijn verhaal zou uiteindelijk niet over mijn vlugheid gaan, want daar heb ik het nooit zo van moeten hebben. Maar ik had behoorlijk kunnen compenseren en daarmee met vaart in een hoofdrol kunnen optreden. Wie schrijft kan de wereld naar zijn of haar hand zetten. ‘Hoe lang bent u al zo?’ Zo lang als mijn verhaal duurt, had ik kunnen antwoorden en vervolgens had ik mijn wereld of mijn fantasie onaangelijnd kunnen laten.
Tot schrijven moet vaak uitgedaagd worden. Er behoort dan een thema of onderwerp aangereikt te worden. Daarvoor dient een prijsvraag of schrijfwedstrijd. Daarmee kan een prijsje gewonnen worden of een andere vorm van waardering worden verkregen. Wie een blijk van honorering ontvangt, voelt zich dan gesterkt in het kunnen schrijven. Moeten de deelnemers die geen pluim ontvangen hebben, nu bij de pakken gaan neerzitten of – erger nog – hun schrijfinstrumenten aan de wilgen hangen? Nee, zeker niet. Zij behoren door te gaan. Oefening baart nog steeds kunst. En wie energie behoeft en niet te vroeg wil eten, is gebaat bij een tussendoortje. De schrijver die dat doet, kan roepen: ik schrijf nog een stukkie.

3 juni 2015, Jaap van der Hoest

***
terug naar de beginpagina van Pointe
terug naar de beginpagina van de website