Van de redactie


Veel indruk heeft de historische en sociale roman ‘De ondergrondse spoorweg’, van Colson Whitehead, op mij gemaakt. Het verhaal speelt zich af in de negentiende-eeuwse Verenigde Staten van Amerika. De slavernij heerste er volop en drukte een zwaar droevig stempel van mensonterende situaties op dat nieuwe land.
De hoofdpersoon is Cora, een jonge slavin. Haar oma Ajarry was door slavenhandelaren uit Afrika gehaald. Onder barre omstandigheden had zij geketend in een schip de Atlantische oversteek naar Amerika gemaakt. Daar kwam zij uiteindelijk op een slavenveiling terecht. De slaven stonden er naakt op een schavot. Een handelaar kocht haar vlak voor het donker werd. Whitehead (de auteur) schetst de situatie: "Aan zijn vingers fonkelden ringen met kleurige edelstenen. Toen hij haar in haar borsten kneep om te zien of ze drachtig was, voelde het goud koud aan op haar huid. Ze werd gebrandmerkt, niet voor de eerste keer en niet voor de laatste keer, en aan de overige aankopen van die dag vastgeketend".
Daarna kreeg zij door allerlei omstandigheden opeenvolgende andere eigenaren, soms ging ze als ding met de inboedel mee. Uiteindelijk werd ze gekocht voor een plantage in Georgia. Driemaal nam ze een man. Bij die mannen kreeg zij vijf kinderen. Vier stierven er, éen omdat een slavendrijver hem met een blok hout doodsloeg. Het kind dat de tien jaar haalde en overbleef, was Mabel. Zij werd de moeder van Cora, de hoofdpersoon van het boek. Ajarry stierf op de katoenvelden vanwege een prop in haar hersens.
Cora’s geboorte was een zware bevalling voor Mabel geweest, waarover ze vaak had geklaagd. Van haar moeder Ajarry had Mabel een moestuintje overgenomen. Het was moeilijk om het te behouden omdat andere slaven het wilden inpikken en lastig om te bewerken vanwege al het snelgroeiende onkruid. Het tuintje was belangrijk om het onvoldoende eten mee aan te kunnen vullen. Het leven op de plantage was zwaar.
Toen Cora elf of tien jaar was - haar leeftijd was niet precies bekend - verdween Mabel. Zij ontvluchtte en liet haar dochter achter. Cora werd daardoor een loslopertje. Zo werd dat op de plantage genoemd. Ze wist eerst niet waar ze aan toe was. Haar moeder was niet populair geweest, oma Ajarry had echter respect gekend en Cora verkeerde in de schaduw daarvan. Hoewel ze jong en kwetsbaar was en zorg ontbeerde, besloot zij het stukje land (het tuintje) van haar oma en daarna van haar moeder koste wat kost te behouden.
Toen Caesar, een oudere slaaf, haar (inmiddels een paar jaar ouder) vroeg met hem te ontsnappen via de ondergrondse spoorweg zei Cora eerst ‘nee’. Drie weken later werd dat ‘ja’.
Gedrieën – slavin Lovey ging ook mee – ontvluchtten zij. Een confrontatie met slavenjagers liet niet lang op zich wachten. In een gevecht doodde Cora met een steen een jonge jager. Met Caesar ontsnapte ze. Lovey waren ze kwijtgeraakt. Een station van de ondergrondse spoorweg werd bereikt. Met een combinatie van locomotief en goederenwagon reden zij naar het Noorden. Na bij een verborgen station weer bovengronds gekomen te zijn liep het mis. Caesar raakte weg en Cora kwam in een schuilplaats op een vliering terecht. Van daaruit nam zij via een gaatje in de muur op een soort plein verschrikkelijke taferelen van executies van in hun vluchtpoging gepakte slaven waar, waarvan zij had vernomen dat die ter afschrikking aan bomen werden gehangen. Zij werd verraden, kwam in handen van de haar bekende slavenjager Ridgeway om teruggevoerd te worden naar de plantage. Onderweg werd zij bevrijd door bewapende slaven die van haar positie op de hoogte bleken te zijn. Hoe de gehele geschiedenis van Cora’s vlucht zich afspeelde – in stukjes voorspoed en bittere tegenslagen - wordt door Colson Whitehead uitvoerig beschreven. Hij onderbreekt daarbij regelmatig de voortgang van het verhaal om een kenschets of achtergrond van een persoon of een situatie te geven. Zodoende wordt de lezer- zo was mijn ervaring – meer in de roman getrokken.
Hoewel het aanvankelijk goed leek te gaan, raakte Cora toch weer in handen van slavenjager Ridgeway, die kennelijk via haar ook achter een ontvluchtingsgeheim wilde komen. Daarmee begint het slotgedeelte van deze roman, waarvan ik verder niets vertel. Dat zou de spanning wegnemen voor wie ‘De ondergrondse spoorweg’ nog niet heeft gelezen en het voornemen heeft gekregen dat wel te gaan doen.

De boekgegevens zijn:
Titel: De ondergrondse spoorweg (vertaling van: The underground railroad)
Schrijver: Colson Whitehead
Boeknummer Passend Lezen (audioboek): a449142

20 augustus 2017, Jaap van der Hoest

***
terug naar de inhoudsopgave
terug naar de beginpagina van Pointe
terug naar de beginpagina van de website