TWEE DOOR FRANS TAK OPGETEKENDE DIALOGEN


Een moeizaam gesprek

Goeiemorgen buurman. Lekker weertje he?
Dat mag je wel zeggen buurvrouw. We hebben anders van de zomer nog niet veel zon gehad.
Inderdaad. Nog een weekje dan is het al weer herfst. Kunnen we de verwarming weer aanzetten.
Dat is waar buurvrouw, maar je moet maar denken, na de herfst komt de winter en dan begint de lente weer.
Nounou buurman, je bent wel een optimist hoor.
Daar blijf je gezond bij buurvrouw en tenslotte heeft elk jaargetij zijn bekoring. Stel je voor dat het altijd zomer zou zijn. Dat gaat op den duur ook vervelen.
Van mij mag het altijd zomer blijven. Ik ben gek op de zon buurman.
Dan zou je eigenlijk moeten emigreren naar Afrika buurvrouw.
Jaja buurman, als dat zou kunnen, maar ik bedoel, dat het hier eigenlijk altijd zomer zou moeten zijn. Maar wat ik vragen wil, zon geleidehond, ik bedoel, hoe brengt u dat dier nou aan zijn verstand waar u naar toe wil?
Het komt er op neer buurvrouw, dat k moet weten waar ik naar toe wil.
Jaja, dat begrijp ik, maar hoe brengt u dat op uw hond over.
Dat is heel simpel buurvrouw. De hond zorgt ervoor dat ik nergens tegenaan loop, niet in een plas trap of in de hondenpoep. Ik moet zelf de route weten, die ik moet lopen om bijvoorbeeld bij het station te komen. De hond gaat nooit van de stoep af als ik dat niet wil.
Tsjeetje, dat lijkt me nogal moeilijk als je niks ziet buurman. Ziet u helemaal niks, ik bedoel, bent u helemaal blind?
Dat is te zeggen buurvrouw, ik heb een visuele functiebeperking.
Wablief? Ik bedoel, heeft dat iets met uw motoriek te maken? Ik zie u anders altijd stevig doorstappen. Ja sorry dat ik het zeg buurman, maar het is net of u nog ziet.
Nee buurvrouw, mijn motoriek is nog prima in orde. Het zit in mijn hoofd, ik bedoel in de visus, in de beperking ervan, van de functie, als u begrijpt wat ik bedoel.
O, das niet zo mooi. De broer van mijn man, mijn zwager zogezegd, is daarvoor ook al jaren onder behandeling.
Zo, heeft die ook een visuele functiebeperking?
Tja, of dat nou hetzelfde is als die eh..., hoe zei u dat nou ook weer?
Een Visuele functiebeperking buurvrouw.
Ja precies, een functionele visusbeperking. Maar dat zit bij mijn zwager toch anders. Bij hem zijn het meer de zenuwen buurman. Het heeft iets met de maan te maken zeggen ze. Verdorie buurman, hoe noemen ze dat nou ook weer?
Manisch depressief buurvrouw.
Ja precies buurman, dat is het, manisch depressief. Dat is uiteraard wat anders dan die beperkte visesfunctie... Jezus buurman, ik krijg dat woord nauwelijks mijn strot uit!
Jaja, t is even wennen buurvrouw.
Dat mag je wel zeggen buurman, je zal me wel dom vinden, maar ik snap er de ballen niet meer van.
Ik zal het je uitleggen buurvrouw. Kijk, ik bedoel luister. Visus staat voor het oog, voor het zien.
Dus toch de ogen buurman? Ik dacht al, je hebt die hond toch niet voor niks!
Wacht nou effe buurvrouw. De functie van die visus, van die ogen, mijn ogen, is beperkt.In mijn geval is die visuele functiebeperking totaal, begrijpt u. Ik zie helemaal niks.
Maar buurman, dan ben je toch blind. Dat zei ik toch al!
Tja buurvrouw, als je het zo noemen wilt.

Een ritje eerste klas.

Strauss, zoek deur.
Kan ik u ergens mee helpen mijnheer?
Nou, de hond brengt me al naar de deur als het goed is. Dank u.
Inderdaad, u staat er nu recht voor. Ik bedoel voor de treeplank. Voorzichtig hoor!
O, dat lukt wel mijnheer. Strauss hoog! Ziet u wel.
Ik zie het, fantastisch. Reist u eerste of tweede klas?
Eerste klas.
Dan moet u naar rechts.
Strauss, zoek deur rechts! Wat ik vragen wil, bent u de conducteur?
O nee hoor , ik ben ook een reiziger net als u. Wacht, ik maak even de deur voor u open.
Dank u. Strauss, zoek plaats.
Links van u zijn twee plaatsen vrij. Misschien een domme vraag, maar zit u misschien liever bij het raam?
Nou liever aan het gangpad, dan heeft mijn hond wat meer ruimte.
Uitstekend, dan neem ik de plaats bij het raam als u het goedvind.
Daar heb ik geen bezwaar tegen. Gaat uw gang.
Dank u. Zal ik uw jas even ophangen?
Graag, alstublieft. Zo Strauss, ga maar af. Af! Goed zooo, braaf.
U hebt een mooie hond mijnheer. Trouwens we zijn net op tijd. De trein rijdt al. Wat ik u vragen wil, van welk ras is uw hond?
Een Labrador.
Een prachtig dier en ook zon grappige naam Genoemd naar Johan Strauss zeker?
Nou nee hoor, hij is volstrekt a-muzikaal, vernoemd naar Levi Strauss.
Ach, de spijkerbroekenfabrikant.
Inderdaad, die heeft hem gesponsord.
Nou das mooi van Levi.
Dat mag je wel zeggen, maar er wordt denk ik ook wel goed geld verdient aan die broeken.
Dat zal best. Ziet u helemaal niets? Ik bedoel, u vindt het toch niet erg als ik dat vraag?
Nee hoor. Nee ik zie niets.
Dat lijkt me niet niks.
Ach dat valt best mee. Je stoot s een keer je kop en je dondert s een keer van de trap. Dat overkomt je maar n keer. Al doende leert men nietwaar en alles went tenslotte.
Hebt u altijd niets kunnen zien?
Nee nee, Tot mijn zevenentwintigste heb ik goed kunnen zien. Ik heb mijn scholen afgemaakt en mijn militaire dienstplicht vervuld.
Tsjonge, nou, ik bewonder u.
Och, dat valt best mee. Mijn vrouw is niet weggelopen en mijn kinderen zijn goed terecht gekomen. We hebben ze netjes opgevoed en mijn schoondochters noemen me pappa, het zijn heerlijke meiden.
Zo, dan hebt u het goed getroffen!
Dat mag u wel zeggen. Ik heb trouwens altijd goed mijn brood verdiend. Het heeft mijn huisgenoten aan niets ontbroken.
Zozo, dat is knap hoor!
Weet u, ik wilde mijn hand niet ophouden. Ik wilde zogezegd mijn eigen brood verdienen begrijpt u.
Misschien een vreemde vraag mijnheer, maar ik heb me wel eens laten vertellen, dat blinden een scherper gehoor ontwikkelen. Is dat zo?
Nou nee, je gehoor wordt niet beter. Je gaat het wat intensiever gebruiken. Feitelijk is het zo, dat je anders gaat zien.
O ja?
Ja. Als je ogen het laten afweten, ga je kijken met de rest van je lichaam. Met je gehoor, je handen, je neus, vingers, voeten en je huid, zoiets begrijpt u? Voordat u de zon hebt gezien, heb ik haar al gevoeld.
Zo, dat klinkt niet gek. Zo heb ik het eerlijk gezegd nog nooit bekeken. Trouwens, moet u ver reizen?
Naar Roermond.
U klinkt niet als een Limburger.
Nee, maar ik woon daar al bijna tweenveertig jaar. Ik kom oorspronkelijk uit Amsterdam, maar in de loop van de jaren ben ik een echte Bourgondir geworden. Ik woon daar al langer dan ik ooit in het westen heb gewoond ziet u. Waar gaat u reis trouwens naar toe?
Naar Den Bosch. Daar ga ik verder met de bus naar Sint Michielsgestel waar ik woon.
O, dat is een bekende plaats. Daar ligt toch ook dat doveninstituut niet?
Inderdaad, daar woon ik niet zo ver vandaan. Lijkt me ook niet mis. Als ik zo vrij mag zijn meneer, wat zou u nou liever willen zijn, doof of blind?
U stelt die vraag aan een blinde en die wil uiteraard niet doof zijn. En ik veronderstel dat een dove niet graag blind zou zijn, gezien vanuit de wederzijdse handicaps natuurlijk. U zou die vraag eigenlijk aan een ziende moeten stellen.
Ja ja meneer, een domme vraag. Sorry hoor.
O, u hoeft zich niet te verontschuldigen, die vraag stellen mensen wel meer. U werkt toch niet toevallig op dat instituut?
Nee, Ik leef al zon vijf jaar van de AOW.
Zo, als u daar alleen van moet komen lijkt me dat geen vetpot.
Nou ja, het gaat. Mijn vrouw heeft het ook sinds kort.
Maar hebt u dan, toen u werkte geen pensioen opgebouwd?
Om u de waarheid te zeggen, zat ik voordien al jaren in de WAO. Een dubbele hernia. Twee keer geopereerd. Het onderste deel van mijn rug bestaat uit een verzameling boutjes en moertjes. Eigenlijk ben ik nooit zonder pijn, maar het is draaglijk. Ik werkte bij een kleine aannemer. Altijd klussen. Verbouwingen en zo. Zwaar werk. Sjouwen met stenen, ladder op ladder af. Ik heb heel wat riante huizen van dakkapellen voorzien. In weer en wind gewerkt. Maar ja, je bent jong en je denkt dat je van alles kan en dat het altijd zo door kan gaan. Totdat je op een dag door je rug gaat. Je vrouw je in je broek moet helpen. En dan begint de ellende. Ziekenhuis in, ziekenhuis uit.
Tsjonge, dat lijkt me ook geen pretje zeg.
Nee, een pretje is dat zeker niet. Maar ik heb in die tijd gelukkig goed verdiend. Kluste vaak in mijn eigen tijd nog wat bij buiten mijn baas om. Dat leverde behoorlijk wat op. Handje Contantje zogezegd.
U hebt dat wel duur moeten betalen.
Dat is waar, maar we hebben in die tijd flink gespaard en verder altijd zuinig geleefd. En vergeet niet, ik heb mijn eigen huis gebouwd. We zitten er nu praktisch voor niks.
Als ik u goed begrijp, zitten er hier nu twee gehandicapten.
Ja, ha-ha, dat mag u wel zeggen. En ook nog eerste klas!

***
terug naar de inhoudsopgave
terug naar de eerste pagina van de website